‘Dit is het moeilijkste boek dat ik ooit geschreven heb, maar ook het boek dat ik vanaf het begin van mijn schrijverschap heb willen maken.
Het is gebaseerd op de jeugdherinneringen van mijn vader en ik wilde die zoveel mogelijk recht doen. Toch moest ik van mijn vader een echte hoofdpersoon maken, en dat was heel lastig. Ik heb moeten invullen wat hij dacht en voelde, en soms klopte dat heel goed, maar soms wist hij zelf niet meer precies hoe het was.’
Na ‘Scherven in de Nacht’ en ‘Schaduw van het verleden’ (voor recensies, zie voorgaande Uitgelezen) is dit het derde jeugdboek dat Martine Letterie (www.martineletterie.nl) over de Tweede Wereldoorlog schreef.
Hoofdpersoon is haar vader die op 10-jarige leeftijd de zorg voor het gezin deels overneemt wanneer zijn vader wordt opgepakt.
Het is een hele opgave om een dergelijke uitzonderlijke periode voor (heel) jonge mensen begrijpelijk te maken op een manier dat ze het kunnen navoelen, zonder dat het boek vervalt in het stofferen van geschiedkundige feiten.
Maar ook met dit boek is dat de schrijfster uitstekend gelukt. En dat terwijl ze meer dan gewoonlijk bij de inhoud betrokken is. Bovendien gebeurt er nogal wat in het boek: het weghalen van een vader, het bericht van zijn dood in een concentratiekamp, de verantwoordelijkheid van een zoon van 10 jaar om het gezin zoveel mogelijk te ondersteunen en ‘de man in huis te zijn’ en hoe dat op hem doorwerkt.
Wat dat betreft moet meteen gezegd worden dat het niet alleen maar een kinder/jeugdboek is, iedereen kan het lezen zonder op de knieën te moeten gaan zitten.
Het staat er koel, in ‘Nederlanders in Neuengamme’:
‘M. Letterie; 1908 – 05 – 04 (Den Haag) (m); 1942 – 01 – 08 (Neuengamme)’
Het is een van de ongeveer 5500 namen van Nederlanders die omgekomen zijn in het concentratiekamp Neuengamme bij Hamburg.
Tinus Letterie werd op 25 juni 1941 opgepakt. Overgebracht naar een kamp bij Schoorl, vandaar naar kamp Amersfoort en tenslotte naar het concentratiekamp Neuengamme bij Hamburg, waar hij stierf.
Het oppakken gebeurde in het kader van wat de nazi’s de CPN-Aktion noemden: gericht op het tegengaan van pro-Soviet propaganda. Hij was geen lid van de CPN, voor zover bekend vóór de oorlog wel van de VVSU, de Vrienden Van de Sovjet Unie. En hij en zijn vrouw werkten mee aan de verspreiding van het blad Rusland van heden. Toen hij opgepakt werd was hij lid van de SDAP, de voorganger van de PvdA.
Het is dan ook niet verwonderlijk dat hijzelf net als zijn gezin ervan uit gaat dat hij snel terug zal zijn, het is een misverstand. Maar hoe langer het wegblijven duurt, des te meer wordt duidelijk dat er geen sprake is van een misverstand.
Tinus heeft van tevoren geweten dat er iets zou kunnen gebeuren. Tijdens een fietstochtje met zijn 10-jarige zoon Frank, de vader van de schrijfster, zegt hij: ‘Frank, als er ooit iets met mij gebeurt, dan moet jij goed voor je moeder zorgen. Beloof je dat?’
Frank belooft het en weet hiermee natuurlijk ook, dat het allemaal wel eens anders zou kunnen gaan dan gehoopt en verwacht werd. Hij raakt in een korte tijd de illusie dat er boven hun huis en gezin een beschermende koepel staat kwijt.
Uit een uit kamp Amersfoort gesmokkelde brief wordt ook nog eens duidelijk wat daar voor omstandigheden heersen: ‘Achteraf was Schoorl een vakantieoord.’
Na dergelijke klappen geïncasseerd te hebben gaat Frank onder andere op voedseltochten, eerst dichtbij huis, maar op een gegeven moment zelfs tot in Twente (vanuit Hilversum), soms met een buurman, soms met een aantal vrouwen. Mét de dreiging van beschietingen door jachtvliegtuigen, inbeslagname van het gekochte eten, en met de zekerheid van de altijd aanwezige honger.
Het gaat hem niet in de koude kleren zitten. Wat hij voelt en denkt wordt niet breed uitgemeten en dat is eigenlijk een goede stijlfiguur in dit verband: de honger en de zorgen waren te groot voor uitgebreide bespiegelingen. Toch gaat het hem niet in de koude kleren zitten. Met zijn moeder gaat hij naar de dokter omdat ze het idee hebben dat Hansje, de jongste zoon van vier, lijdt aan ondervoeding.
De dokter: ‘Mager is hij zeker, mevrouw, maar dat zijn we allemaal. Ondervoed nog niet.’ Dan kijkt hij over zijn bril naar Franks moeder. ‘Maar die oudste van u, daarover zou ik me meer zorgen maken.’
Frank gaat naar familie in Friesland, waar meer eten is. Niet voor de eerste keer. Maar nu wel na tegenstribbelen. Pas wanneer duidelijk wordt dat een juf die hen al eerder geholpen heeft het gezin zal steunen gedurende Frank’s afwezigheid wil hij erheen.
In Friesland maakt hij de bevrijding mee. En de woede van de mensen tegen de landverraders, de NSB-ers. Eén van die NSB-ers wordt gedwongen op een hakenkruisvlag te trappen en spugen. ‘Frank draait zich om, en loopt weg. Wat kinderachtig. Wat klein. Nu durven ze wel, met zijn allen tegen één.’
Peter de Maan
29 april 2008

Martine Letterie
Reageren of bestellen? mail rosa: rosaboek@xs4all.nl
>> naar voorgaande Uitgelezen >>